filter fun for every one

".....dat UV filtertje? Dat is om de lens te beschermen..."

eerst ff wat anders

Om de werking van filters te begrijpen en dus toe te kunnen passen moet u eigenlijk eerst iets begrijpen van licht en kleur. Denk nog eens even terug aan uw oude natuurkunde leraar en hoe hij vertelde over de regenboog, lichtbreking, een prisma en het kleurenspectrum; weet u het nog, of was dat nou net die ene keer dat u net heel even niet oplette..?

De regenboog is het resultaat van de breking van het witte zonlicht door de in de lucht hangende waterdruppels. Wit licht is samengesteld uit alle kleuren van de regenboog, die tesamen ook weer wit licht geven. Bij nader onderzoek blijkt licht zich te gedragen als een elektromagnetisch golfverschijnsel. Elke kleur licht nu heeft zijn eigen golflengte en vandaar dan ook dat zij bij breking door de waterdruppel (of een prisma) allemaal net even anders breken zodat het witte licht als het ware uit elkaar gerafeld wordt.

licht mengen

In het kleurenspectrum onderscheiden we 3 zogenaamde primaire kleuren namelijk ROOD, GROEN en BLAUW. Deze 3 kleuren licht (dus niet verf!!!) in gelijke hoeveelheden met elkaar gemengd geven samen wit licht. Deze manier van kleur mengen noemen we additief (=optellend). De kleurvergroter van philips gaat uit van deze additieve methode van kleurmengen. In de koker bevinden zich drie lampen van gelijke vermogen en een verschillende kleur. U raad het al; De eerste is rood de tweede groen en de derde is blauw. Branden ze alle drie even hard dan is het uittredende licht wit. Door een of twee van de lampen harder of zachter te laten schijnen maakt u de kleurtemperatuur van de vergroting. (later meer daarover)

De Durst kleurvergroter werkt volgens het tegenovergestelde systeem. Door het filteren van een witte lichtbron wordt de juiste kleur gemaakt. De durst vergroter werkt met drie gekleurde filters die we de secundaire kleuren noemen; MAGENTA, CYAAN en YELLOW (In het nederlands purper, blauwgroen en geel). Ze zijn de eerste mengkleuren van de primaire (=hoofd) kleuren. Deze methode van kleurmengen noemen we subtractief (=aftrekkend) immers elk filter haalt iets van de oorspronkelijke hoeveelheid licht weg! Hiervanuitgaand komen we tot de volgende kleurencirkel:

(afb: de fotografische kleurencirkel)

Je ziet in het schema dat de in de cirkel tegenover elkaar liggende kleuren (bijv blauw+geel) samen wit geven; zij completeren elkaar en worden daarom elkaars complementairen genoemd. Ze zijn tevens elkaars grootste contrasterende kleur. Deze cirkel zou u maar het beste uit uw hoofd kennen. Gelukkig hoeft u alleen maar de letters RGB te onthouden (ja dat komt u bekend voor he?). Rood Groen Blauw. Schrijf ze op een kladje in een driehoek, vul de tussenliggende secundaire kleuren in (kan niet missen) en voila. Ik kom hier zodadelijk nog even op terug

kleurtemperatuur

Onder kleurtemperatuur verstaan we de mengverhouding van de kleuren ROOD, GROEN en BLAUW. En elke lichtsituatie heeft zijn eigen specifieke kleurtemperatuur. Kleurtemperatuur wordt uitgedrukt in graden Kelvin, of in mireds. In tabel 3 staan enkele lichtbronnen met hun respectievelijke kleurtemperatuur. Per lichtbron wordt de kleurtemp gegeven in Kelvin.

  • zonsopkopmst of ondergang 2000 K
  • gloeilamp 100 watt 2800 K
  • halogeenbak 500 watt 3200 K
  • Filmzon halogeen 500 watt 3400 K
  • een uur na zonsopkomst 3500 K
  • flitsblokjes 4950 K
  • Zonlicht 12 uur smiddags 5400 K
  • fotografisch daglicht (flitsers) 5500 K

We kunnen in dit verband op een overdrachtelijke manier spreken van een werkelijk kleurtemperatuur. Een lage kleurtemperatuurwaarde (in Kelvin) ervaren wij als warm. Denk aan het "warme" licht (qua kleur) van de gloeilamp, en het "koude"-, blauw aandoende licht van de elektronenflitser.

eindelijk,.........filters

Onder filters verstaan we in principe alle min of meer doorzichtige objecten tussen het onderwerp en de opname- of weergave lens. (en er zijn natuurlijk ook allerlei lamp-filters) Filters halen altijd een gedeelte van het licht weg (=subtractief) en betekenen voor je belichting dus altijd een lichtverlies. Elke filter heeft zijn eigen FILTERFAKTOR. De belichting moet met die faktor vermenigvuldigd worden. Filterfaktor 4 betekend dus 4x zo lang belichten. (en is dus 2 stoppen!!!) Voor de meeste filters (niet alle !!) geldt; Het filter laat de eigen kleur goed door (optimaal) en houdt de complementaire kleur goed tegen. Bijvoorbeeld een roodfilter laat al het rode licht heel goed door, en houdt heel goed zijn complementaire kleur (cyaan) tegen. Denkt u maar aan de donkere dreigende luchten die u met uw roodfilter ongetwijfeld al heeft proberen te maken.( .........erg mooi hoor !)

soorten en maten

Er zijn dus heel heel heeeeel veel soorten maten, varianten, typen en kwaliteiten filters. Om maar eens wat te noemen, er zijn;

ZW/W kontrastfilters; De werking van de kontrastfilters voor zw/w fotografie berust op de eigenschap van het filter om zijn eigen kleur goed door te laten en zijn complementair geheel of gedeeltelijk tegen te houden. De goed doorgelaten kleur zal in de latere zw/w weergave dus lichter -, en de complementaire (tegengehouden) kleur donkerder grijs worden weergegeven. Een roodfilter laat dus de kleur rood uitstekend door en zal vooral het cyaan(=is complementair) verdonkeren. In de praktijk betekend dat voor de verschillende kontrastfilters de volgende toepassingen. In de tabel betekent een hoofdletter: laat de kleur goed door (of houdt kleur goed tegen). Een kleine letter wil zeggen laat de kleur gedeeltelijk door. (of houdt kleur gedeeltelijk tegen)

(afb: de zw/w contrastfilters. R=rood BL=blauw GR=groen C=cyaan M=magenta Y=geel)

FILTERKLEUR LAAT DOOR HOUDT TEGEN TOEPASSING
geel (yellow) Y,r,gr BL,c,m verdonkeren lucht (licht,middel,donker) algemeen correctief.
groen GR,y,c M,bl,r landschap gr-licht, bl- donker.portret lippen donker, huid.
oranje O,y,r BL,c,gr landschap verdonker luchten maakt verte helderder
rood R,y,m C,gr,bl cyaan lucht zeer donker, atmosferische nevel verdwijnt
blauw BL,c,m Y,gr,r betere huid met kunstlicht, maakt nevel duidelijker zichtbaar
 

ZW/W kontrastfilters zijn te herkennen aan hun heldere en volle kleuren. Voor de kleurfotografie zijn ze min of meer ongeschikt, de opname verdrinkt in de kleur van het filter, nee voor kleurmateriaal hebben we het subtielere werk nodig; Kleurtemperatuurkonversiefilters; Dit type filters maakt het mogelijk om bijvoorbeeld met kunstlicht op daglichtfilm te werken of met daglicht op kunstlichtfilm. De filters zijn blauw of amberkleurig. (van warm naar koud en van koud naar warm) In onderstaande tabellen nummer 4 vind je de verschillende konversiefilters en hun konversie-waarde in graden Kelvin.

Kleurtemperatuurbalansfilters; Dit type filters maakt nauwkeurige bijsturing van de kleurtemperatuur van de opname mogelijk. In tabel 5 vind je de verschillende filters en hun aanpassings-waarden in graden Kelvin. Kleurcorrectfilters (CC=opname CP=print); Filters bedoeld voor het maken van de juiste kleurtoon. In tabel 6 vind je de hele filterset.

Neutraalgrijsfilters; Filters die bedoeld zijn als vertragingsfilter om langere sluitertijden of grotere diafragma's te kunnen gebruiken. Filters hebben geen invloed op kleur of beeld.

Absorptiefilters; Bijvoorbeeld UV filter. Laat alle licht door maar absorbeert UV licht.

Zwartfilters; Filter 18a van kodak. Houdt alle licht tegen behalve IR en UV licht. Ziet er dan ook zwart uit.

Infraroodfilters; Laten rood licht en langer door. Zijn dus rood van kleur. 87,88 en 89. Voor gebruik op infraroodfilm. Wetenschappelijke en kreatieve fotografie.

Polarisatiefilters; Wordt voor verschillende doeleinden gebruikt en is een soort tralievenstertje dat alleen maar licht in een bepaalde tillingsrichting doorlaat. Dat licht noemen we gepolariseerd licht. Hierdoor is het mogelijk reeds gepolariseerd licht te doven. Schitteringen verdwijnen van het wateroppervlak en reflecties uit ruiten en bijv keramiek.

Effektfilters; Filters die allerlei optische vertekenings effekten teweegbrengen. De variaties zijn oneindig. In deze groep filters liggen de meeste mogelijkheden in de eigen creativiteit. Bekende voorbeelden uit deze groep zijn het softfocusfilter, sterfilter, speedfilter, enz.

Papiergradatiefilters; Filterset voor het verwerken van multi-ge-grade-erd papier met een zwartwitkoker.

Safe light filters; Dokafilters. Op elke doos gevoelig materiaal staat welk type of nummer safelight je dient toe te passen. Safelichts zijn er bijvoorbeeld in de kleuren rood, amber en geelgroen.

Met filters kun je dus je lol op, aan de keuzemogelijkheden zal het niet liggen.... Ook op het gebied van filters geldt wat in de hele fotografie geldt: Laat je niet leiden door prijskaartjes en testrapporten maar vooral door je eigen ogen, inzicht en kreativiteit. De mooiste effekten, en filters maak je zelf. Havefilterfun,

Hopelijk is met bovenstaande preek de zaak wel wat duidelijker geworden, en kunt u met veel enthousiasme aan de slag op weg naar een flashing-famous-fotocarriere. Ah jongelui ,....ik hoor de bel,....hebt u nog vragen,... email TIC